in memoriam

 
 

Je stoeit niet langer met apestaartjes

in het kolkende grijs van mijn geheugen.

Je wil niet langer lachen met mij

als ben ik de zeurende naald

op een oude radio.

Jij, die mijn rust bent in de ruis,

je loopt nu plots verloren in mijn Internet

over het bevroren meer van veel te dunne hoop.

Midden in de winter moet je heengaan,

en ik je naam maar roepen,

als een riedeltje in deze miezer.


Bart, waar ben je?

Je antwoordt in de e-mails

die ik toevallig heb bewaard.

Als een feniks herrijs je

tussen de grapjes van je virtuele as.

Hier ben ik, in de geur van een herinnering.

In een tuin van Eden word ik opnieuw geboren,

naast zacht klinkende klokken van God.

Hij doet me teken, als een technicus,

wanneer ik je mag groeten.

Dus daar ben je, Bart. In dat bronzen akkoord

aan het slot. Ik had het kunnen denken.

Het lost langzaam op, het rookpluimpje

van je leven. Waar onze namen

voor eeuwig zijn verweven.


 

een tekst van Bart Stouten